Energieneutraal bouwen
De markt rond energiezuinig en energieneutraal bouwen is in beweging. Zowel op het technische vlak als in de aanpak van het bouwproces en financieringsconstructies zien we interessante ontwikkelingen. Daar komt bij dat ook de overheid zich duidelijk heeft uitgesproken over de doelstellingen om energie te besparen in de gebouwde omgeving. Ondertussen loopt er een boeiende discussie over de definitie van wat we in Nederland een energieneutraal gebouw/woning noemen.
Definitie Energieneutraal
In Nederland staan diverse woon- en utiliteitsgebouwen die het stempel 'energieneutraal' hebben. Soms gaat het puur om het gebouwgebonden energiegebruik, in andere gevallen zit het energiegebruik voor het huishouden of het bedrijfsproces er ook bij. Omdat er op dit moment geen algemeen aanvaarde definitie is van een energieneutraal gebouw is het aan de partijen in het project zelf om vast te leggen wat zij onder een energieneutraal gebouw verstaan. Om bouwpartijen te ondersteunen bij het definiëren van 'energieneutraal', heeft Agentschap NL de volgende vijf richtlijnen voor gebruik van het begrip energieneutraliteit:
- Energieverbruik ≤ nul;
- Gebruik duurzame energie;
- Geef aan wat de grenzen zijn waarbinnen het gebouw energieneutraal is;
- De energievraag van gebouw en gebruikers, uitgedrukt in energie-eenheden (bijv. megajoules of kWh);
- Gebruik voor woningen/gebouwen de term energieneutraal gebouw; de term CO2-neutraal is beter geschikt voor organisaties.
Rol Team ‘Energieneutraal Bouwen’ van Agentschap NL
Energieneutraal Bouwen is een samenwerking van de programma’s DEN, EOS en Energie & Gebouwde Omgeving. Deze maakt deel uit van de divisie NL Energie en Klimaat van Agentschap NL. Energieneutraal Bouwen ondersteunt de uitvoering van de Innovatieagenda Energie in opdracht van de ministeries VROM-WWI en EZ. Wij faciliteren koplopers in de gebouwde omgeving (partijen in de bouwsector met hoge ambities op het gebied van zeer energiezuinig of energieneutraal bouwen) met kennis en advies bij noodzakelijke innovaties. Dat doen wij door:
- Deelname aan koplopernetwerken
- Beantwoorden vragen en verzoeken van bouwprofessionals
- Kennis over Energieneutraal Bouwen opbouwen in Kennishuis en beschikbaar stellen aan de markt.
Overheidsbeleid
Het beleid van de rijksoverheid is vastgelegd in de Innovatieagenda Energie, die onderdeel is van het werkprogramma Schoon en Zuinig. Het stelt te realiseren doelen over energiebesparing en duurzame energie in de gebouwde omgeving, waarvan de belangrijkste voor de gebouwde omgeving zijn:
- Aanscherping EPC voor nieuwbouwwoningen van 0,8 naar 0,6 in 2011 en naar 0,4 in 2015 met als doel de energieneutrale woning in 2020.
- Aanscherping EPC voor utiliteitsbouw zodat in 2017 de nieuwbouw 50% energie-efficiënter is.
- Voor bestaande bouw vervult het energielabel een belangrijke rol om energiezuiniger te worden.
Om deze doelen te halen zijn diverse acties ondernomen waaronder:
- Het Platform Energiebesparing in de Gebouwde Omgeving (PEGO) is in 2007 opgericht met als aandachtspunten innovatie, wet- en regelgeving en energiebesparing in de bestaande bouw.
Duurzaam bouwen
Door Arno Elijzen
Als men overweegt om duurzaam te bouwen dan kan dit veel betekenissen hebben. Vroeger was het zo dat als een product als duurzaam werd bestempeld dat deze lang mee zou gaan. In dit geval is beton duurzamer dan hout, omdat beton langer mee zou gaan dan hout. Volgens de huidige normen is een duurzaam product dusdanig gefabriceerd en gemonteerd dat deze weinig energie verbruikt. In dit geval is hout duurzamer dan beton.
De wijze waarop een bouwproduct wordt gefabriceerd, vervoerd en gemonteerd kan berekend worden met diverse methodes/programma’s. Als een gebouw volledig wordt gefabriceerd met duurzame producten (volgens de meest recente definitie) betekent dit dan automatisch dat je een duurzaam gebouw hebt? Nee, er zijn nog veel meer factoren die een rol spelen.
Het verbruik van energie van een gebouw wordt bepaald door 4 factoren:
Energieverlies: Hoeveel energie gaat er verloren door de gebouwschil (dak, vloer en gevels)?
Energie-omzetting: Hoe zuinig springen de installaties om met de omzetting van energie van drager (gas, elekticiteit) naar eindproduct (licht, warmte)?
Energie-toevoer: Hoe komt energie het gebouw binnen. Middels externe bronnen (gas- of elektriciteitleverancier) of wordt de energie door het gebouw zelf geleverd (Pv-cellen, zonneboiler, energieopslag, zonnewarmte?
Energie-gebruik: Hoe springt de gebruiker van het gebouw om met energie?
Naast de voorgenoemd items is er nog een belangrijk aspect binnen duurzaam bouwen: flexibiliteit. Immers, wanneer een gebouw na 20 jaar niet meer geschikt is voor zijn functie betekent dit sloop of verbouw. Dat brengt meer energieverbruik met zich mee dan er te winnen valt met alle voorgenoemd items. Vergelijk het maar eens met de kosten die er met nieuw- of verbouw gemoeid gaan t.o.v. de onderhoudskosten en energiekosten van een gebouw!